Blog

Transforming Factories of the Human Body to the Quantified Self and all Fake News in between

Een vloedgolf van data overspoelt ons. Alle apparaten in onze omgeving produceren, verzamelen en delen doorlopend de meest triviale en gedetailleerde gegevens. We gaan er vanuit dat analyse zal leiden tot beter begrip van onze omgeving en efficiënter gebruik van tijd, geld en grondstoffen. De hoeveelheid data groeit zo snel (elke twee jaar een verdubbeling), en de toepassing is zo gevarieerd, dat de quote “Data is the new oil” wereldwijd weerklinkt.

In 2006 was het de Engelse wiskundige Clive Humby (evil genius achter de bonuskaart) die deze woorden uitsprak en vervolgde met: “Data is waardevol, maar moet (net als olie) omgezet worden in benzine, plastic, chemicaliën, enz. Gegevens moeten opgesplitst en geanalyseerd worden om een entiteit te creëren die winstgevende activiteit stimuleert.” Het visualiseren van data is dan ook essentieel om het waardevol te maken. Worden we in de toekomst net zo afhankelijk van datavisualisatie als van benzine in de vorige eeuw?

Bijna gelijktijdig met de uitspraak van Humby lanceert Al Gore in 2006 zijn documentaire An Inconvenient Truth. Met infographics en grafieken als bewijs brengt hij zijn verhaal over klimaatverandering overtuigend aan een breed publiek. Een succesvolle strategie die ruim 80 jaar eerder bedacht werd. In 1923 zorgde de opkomst van massa media ook voor een stroomversnelling in beschikbare informatie en de manier waarop mensen communiceerden. De Weense econoom en museumdirecteur Otto Neurath vond dat iedereen, en vooral de gewone man, moest kunnen begrijpen hoe de maatschappij in elkaar zat. Zijn motto “Words divide, images unite” leidde tot een methode waarmee informatie aantrekkelijker gepresenteerd en makkelijker te begrijpen werd. Met verbeelding voegde Neurath’s International System Of TYpographic Picture Education verhalen toe aan staafdiagrammen en grafieken. In het proces om informatie, ideeën én implicaties zichtbaar te maken door analyse, selectie en ordening benoemde Neurath de ontwerper tot ‘transformer’.

ISOTYPE

Onze hersenen kunnen beeldverhalen razendsnel begrijpen. Reeksen getallen zeggen niets, maar patronen worden vertaald in informatie en geven ons waardevolle inzichten. Ook visuele metaforen zijn een goede manier om complexe processen inzichtelijk te maken. Dit ontdekte de Duitse arts en wetenschapsschrijver Fritz Kahn eind jaren ’20. Als een soort art-director gaf hij aanwijzingen aan illustratoren om het lichaam als machine te verbeelden in zijn vijfdelige opus magnum Das Leben des Menschen. “Misschien niet altijd 100% accuraat, maar wel 100% te begrijpen”, volgens Kahn.

What happens to our brain when we see a car? (uit Das Leben des Menschen)

Waar ISOTYPE de maatschappij statisch verbeelde, maakte Kahn de mens op mechanische wijze inzichtelijk. Geleidelijk streefden steeds meer ontwerpers wereldwijd naar een universele beeldtaal. Er ontstond een idioom van iconen, die hoewel ze er niet exact hetzelfde uitzien wel hetzelfde begrepen worden. Onder invloed van de steeds meer aanwezige advertising, groeide vanaf de jaren ’60 het besef dat schoonheid ook een functie heeft bij informatie visualisatie. Een aantrekkelijk beeld zorgt voor een emotionele band, niet geheel onbelangrijk wanneer je gedrag of gedachten wilt beïnvloeden.

Het Internet en met name de introductie van de eerste smartphones in 2007 brachten onze maatschappij in een digitale stroomversnelling. Transformers werden information architects en vervolgens visual storytellers. Nog altijd koestert de mens de wens zijn lichaam en omgeving beter te begrijpen. Grafisch ontwerpers zijn essentieel bij het toepasbaar maken van Big Data. Met datavisualisatie, infographics, instructies en cartografie geven ze vorm aan waardevolle producten waar we dagelijks gebruik van maken. We vertrouwen op de verbeelding van ontwerpers bij bedrijfsvoering, politieke argumenten, journalistiek, klimaatverandering, navigatie, gaming of het gebruik van dure apparaten. Alles wat we doen, zelfs onze persoonlijke gezondheid, is te volgen via dashboards van de Quantified Self.

Fitbit dashboard

Sporadisch besteden musea en media aandacht aan dit soort functioneel ontwerp, maar dit doet geen recht aan de schaal waarop informatie visualisatie momenteel wordt toegepast. De vraag naar goede informatie visualisatie groeit, maar het aantal ontwerpers dat zich hierin specialiseert neemt minder hard toe dan de hoeveelheid informatie die er is om te verwerken.

Beeld overtuigt, maar niet elke grafiek vertelt de waarheid. Onze mening of gedrag wordt beïnvloed zonder dat we stil staan bij de bron of boodschapper. Er zijn tal van voorbeelden waarbij subjectief gevisualiseerde informatie gebruikt wordt om reacties te beïnvloeden. Kijk maar eens goed naar de grafieken die Thierry Baudet toont tijdens debatten of de infographics waarmee generaal Colin Powell de inval van Irak rechtvaardigde.

Tot voor kort werd informatie gezien als het meest democratische instrument om macht mee uit te oefenen. De opkomst van Fake News laat zien dat we beeld razend snel denken te begrijpen, maar nog veel te leren hebben over de kwaliteit en impact van informatie visualisatie. Het visualiseren van informatie of data kan ingezet worden voor goed en kwaad! We vertrouwen op de kracht van ontwerpers bij het scheppen van orde in chaos, overzicht bieden op ingewikkelde zaken of het aanspreken van emotie. Ontwerpers verbeelden urgente kwesties zodat we deze snel kunnen bevatten.

INFORMATION SUPERPOWER laat de macht van informatie zien aan de hand van herkenbare voorwerpen en situaties. Daarnaast geven we inzicht in de kracht van ontwerpers die nodig is om complexe informatie op een duidelijke en aantrekkelijke manier visueel te maken.

Inspirerende exposities, workshops, talkshows en openbare interventies stimuleren verantwoordelijkheid bij makers en visuele geletterdheid bij gebruikers, voordat we verdrinken in de zee van data.

GRAPHIC MATTERS 2019
INFORMATION SUPERPOWER
20 SEPT – 27 OKT
STOKVISHALLEN, BREDA (NL)

Auteur info

Dennis

Dennis is oprichter en curator van Graphic Matters.